Geschreven door: Carina Schreiber
Zweeds rood
Zweeds rood, eindeloze meren, bossen zo stil dat je je eigen adem hoort. Drieënhalve week met de camper door Zweden: het klinkt als pure vrijheid. Maar wat als je reist met NAH en de drang om alles te zien groter is dan de behoefte aan rust? Onze reis begon vol plannen en eindigde met een les die ik niet snel vergeet.
3,5 week Zweden met de camper
3,5 week door Zweden rijden met een gehuurde camper, dat was het vooruitzicht van onze vakantie. Wekenlang konden we ernaar uitkijken. In Oktober 2024 hadden we al een camper uitgezocht om mee op avontuur te gaan. De vrijheid tegemoet: niks moet, alles mag.
Zonder strak plan reden we via Duitsland richting Zweden. De ferry bracht ons over naar het land van de meren, bossen en rode houten huisjes. In de camper hadden we genoeg vertier mee: e-reader, spelletjes, tijdschriften en niet te vergeten de Vertierkaartjes.
Op reis met NAH… daar had ik eerlijk gezegd niet goed over nagedacht. Wat zeg ik — totaal niet. Mijn vader gaf ons bij vertrek nog een verstandig advies: “Denk erom, je neemt jezelf mee. Als je thuis moe bent, ga je rusten. Doe dat op vakantie ook!”
Maar dat advies sloeg ik in de wind. Geen tijd voor rust, ik wilde alles zien en doen.
De eerste week
We startten onze route via Malmö en reden in een rustig tempo richting naar het westen, langs pittoreske kustplaatsjes als Varberg en Fjällbacka. Gemiddeld zaten we zo’n 200 tot 250 kilometer per dag in de camper, wat eigenlijk al behoorlijk wat is als je je hoofd en lijf rust moet gunnen. De eerste week ging ik vol gas: wandelen, musea bezoeken, kleine dorpjes verkennen… en toen kwam de klap. Na een paar dagen voelde ik me ellendig. Ik had mezelf compleet voorbij gelopen.
Thuis vang ik overprikkeling vaak op met creativiteit — tekenen, schrijven, iets kiezen uit het Vertierdoosje of gewoon op de bank met een deken — maar in Zweden had ik dat helemaal losgelaten. Ik wilde beleven, niet stilstaan. Tot ik besefte dat ik juist wél stil moest staan.
Het roer om
Vanaf dat moment ging het roer om. De rustpauze na de lunch werd een vast onderdeel van de dag. Moest mijn vriend een uurtje werken, dan zette ik mijn koptelefoon op en ging ik alleen een kort rondje lopen in de natuur. En ja, soms bleef ik gewoon lekker in de camper zitten met een boek of een schetsblok. De creativiteit kwam langzaam terug — niet geforceerd, maar als vanzelf, wanneer mijn hoofd er ruimte voor had.
Na die omslag veranderde onze reis: minder kilometers per dag, soms maar 80 tot 100, en meer tijd op één plek. We ontdekten dat een dag extra blijven in een natuurgebied, zoals bij het Vänernmeer of in de bossen van Värmland, juist veel meer opleverde dan gehaast verder trekken. Het gevoel dat je iets zou missen, verdwijnt als je merkt dat je meer geniet van de momenten die je wél meemaakt.
Tips voor camper- of andere rondreizen door Zweden
- Plan je route losjes. Houd ruimte voor aanpassingen en dagen zonder verplaatsing.
- Beperk de dagafstand, 80-150 km is vaak meer dan genoeg.
- Neem oordoppen of een noise cancelling koptelefoon mee voor overprikkeling.
- Durf dagen ‘niks’ te doen. Natuur is overal in Zweden — je mist niets.
- Vermijd grote steden in het hoogseizoen als je snel overprikkeld raakt.
Wat je absoluut niet moet doen? Proberen om “alles” te zien. Zweden is groot, uitgestrekt en zit vol rustige plekken. Als je jezelf dwingt het hele land in één reis te willen zien, loop je jezelf voorbij.
Mooiste manier van reizen
Onze reis eindigde met het gevoel dat we Zweden echt ervaren hadden, niet alleen “afgevinkt”. Het advies van mijn vader bleek uiteindelijk goud waard: soms is stilstaan de mooiste manier van reizen. Zeker in Zweden, waar de stilte bijna tastbaar is.