Door: Anisca Theuns.

Hersentumor, NAH en een aflopend contract, oftewel; UWV en 70% van mijn laatstverdiende loon.
Ik heb 10 jaar geleden goed gespaard; ik woonde nog thuis, werkte fulltime en kocht een woning die door verbouwing meer waard werd. Mijn ex kocht mij uit en dat betekende nog meer spaargeld. Ik kwam toen nog in aanmerking voor een (hoog segment) sociale huurwoning. 

Als ik toen toch een ander huis gekocht had, dan had deze wellicht nu in de verkoop gemoeten door mijn verminderde inkomsten. Om vervolgens duurder particulier te huren. Recht op energie-, zorg-, huurtoeslag en kwijtschelding heb ik niet. Ironisch gezien zou ik met minder inkomsten en wèl toeslagen en kwijtscheldingen vrijwel hetzelfde over houden. Ik heb een lieve vriend en samen kunnen wij gelukkig de kosten delen. Bovenstaand is geen beklag. Er zijn mensen die het slechter treffen. Ik tel mijn zegeningen en spreek van geluk.

Aanpassingsschulden

‘Aanpassingsschulden’ ontstaan als iemand zijn uitgaven niet aanpast aan de inkomensvermindering. Hoe voorkom ik dat?

1. De belangrijkste regel bij aanpassingsschulden: impulscontrole! Twee keer nadenken. Dit vraagt discipline. “Zin in koffie op het terras? Nee, thuis hebben we ook koffie.”

2. Overstappen naar een andere energieleverancier of provider. Vaak krijg je dan korting die je als bestaande klant niet hebt.

3. Als we geen ijspegels aan ons neus hebben hangen, dan kunnen we het aanzetten van de verwarming nog even uitstellen. Ook ± 2 uur voor bedtijd weer uit. Thermokleding aan, jezelf warm bewegen en een extra dekentje. Geen zorgen maken over een pakketje aannemen in een beren fleece onesie helpt ook.

4. Via online bankieren kan ik ‘potjes’ aanmaken. Hierin spaar ik maandelijks een vast bedrag voor o.a. gemeentelijke belastingen, eigen risico zorgverzekeringen, auto onderhoud enz. Mijn wekelijkse UWV storting zet ik in een potje en betaal dit maandelijks op mijn lopende rekening uit. Hierdoor heb ik overzicht en zo geef ik geen geld uit wat ik later nog nodig blijk te hebben. Ik blijf hierdoor grotendeels leven van mijn 70% inkomen en het spaargeld is voor grotere uitgaven.  

5. In plaats van eten wat wij willen, eten wij wat in de aanbieding is die week.

6. Als we tanken doen we dat als we in de buurt zijn van België en we vullen ook meteen een jerrycan. 

7. Minder brandstofkosten. Ik doe vrijwel alles op de fiets. De boodschappen, maar ook naar vriendinnen 25km verderop. 

8. Feestjes: 

– Sommige cadeaus die ik krijg, bewaar ik om een ander cadeau te doen. Mijn cadeau aan een ander cadeau geven, is ook uit een goed hart. 

– Een uitje cadeau doen zoals vissen met mijn vader met spullen die hij zelf al heeft liggen.

– Humor: Als verjaardagscadeau heb ik voor jou…. Tadaaaa mijn aanwezigheid!

9. Spullen in huis: Heb ik dit echt nog echt nodig? Nee? Op marktplaats, Vinted, of de rommelmarkt.

10. Belastingaangifte: zorgkosten die niet vergoed worden door andere regelingen kunnen aangegeven worden. 

11. Gelukkig hebben wij ook lieve mensen om ons heen:

– Wandelen of gewoon zitten in de natuur is ook een gezellige (en kosteloze) activiteit. 

– Anderen trakteren mij (autoritje, drankje, eten, uitje) en dat mag ik best weleens toelaten.

– Als trouwe klant bij de personal trainer mocht ik na een half jaar herstel toch nog 1x per week komen trainen. Ondanks dat mijn sessies op waren.

– Voor de gezelligheid eten we regelmatig mee bij mijn schoonouders. Ook onze natte was, die moeilijk binnen droogt, mag daar de droger in. We merken het niet direct maar dit scheelt wel in de portemonnee.